De ver-BEELD-ing
van Antwerpen

Religieuze gevelbeelden in de stad Antwerpen
Voor Kruis en Beeld vzw
HOME | Vereniging | Vriendenkring | Actualiteit | C/R | ZOEK | Hulp ...
Iconografie (3): Iconografische elementen
alle beelden naar locatie
virtuele wandelingen
downloads / links
uw commentaar
over deze site


De duif is het symbool van Gods Heilige Geest. Dat Maria haar uitverkiezing als moeder van Jezus te danken heeft aan Gods genade, wordt verzinnebeeld door deze duif in een grote stralenkrans boven haar hoofd te laten neervliegen.

Duif in wolkendek en uitwaaierende stralenkrans. – Begijnenvest 93 / Koninginnestraat 5

 

 

 

 


Het aureool symboliseert het goddelijke licht dat de afgebeelde persoon, de 'heilige', uitstraalde. Het teken wordt vooral in de neogotiek aangebracht, in de vorm van een schijf. De barok geeft de voorkeur aan de verticale krans van sterren, terwijl men zich in de tweede helft van de 20ste eeuw beperkt tot een eenvoudige metalen cirkel.

Aureolen. – Schoenmarkt 12

 

 


Vaak krijgt Maria de kroon van de hemelse beloning opgezet, indachtig het 'Wees trouw tot de dood, zegt de Heer, en Ik zal u de kroon van het (eeuwig) leven geven' (Apoc.2:10). Indien Maria de kroon draagt, dan komt dit zeker ook haar goddelijke Zoon toe. De hiërarchische orde dient gerespecteerd te blijven.

De koninklijke waardigheid van Maria wordt sinds de barok vaak kracht bijgezet door een scepter in de rechterhand. Indachtig de oorspronkelijke functie van dit gebruiksvoorwerp als signaal in de strijd, fungeert deze verlengstok van de arm bij Maria tevens als een soort wapen én als overwinningsteken in de strijd tegen de slang van het kwaad.

Scepter en kronen. – Grote Markt, stadhuis

 


Kat en hond bepalen het straatbeeld op de begane grond, maar ter hoogte van de eerste verdieping domineert een veel gevaarlijker beest: de slang is immers het meest voorkomende dier bij de openbare Antwerpse straatbeelden. Als behoedzaam sluipend reptiel dat bij verrassing met gif weet aan te vallen, is voor de mens de slang geenszins het beste maatje. 'Serpent' is geen vleiende bijnaam, noch voor het beest, noch voor de mensen die ermee vergeleken worden. Van oudsher staat het dier symbool voor het kwaad, ook in het bijbelse verhaal van de zondeval (Gen.3:1-6). Omdat Eva de verleiding laat gebeuren door bemiddeling van een appel, moet de slang in de iconografie zijn muil vaak wijd opensperren om er die verlokkelijke appel mee aan te voeren. Dat het kwaad zich meester wil maken van de wereld, zie je in de slang die kronkelt rond of over de aardglobe. De draak die de apocalyptische vrouw belaagt, werd al snel vervangen door de slang van het zondevalverhaal, te meer omdat de Apocalyps zelf deze identificeert als 'de oude slang' (20:2). Vandaar dat ze meermaals ook over de maansikkel van Maria kronkelt. Als Maria de slang vertrapt, is het bij de Moeder Gods doorgaans met één voet, terwijl de Medeverlosseres het meermaals uitdrukkelijk met beide voeten doet.

Slang en wereldbol (met realistische continenten). – Veemarkt / Zwartzustersstraat (zijportaal Sint-Pauluskerk)

 


In de kunstgeschiedenis is het een kunst op zich om de technische onderdelen te integreren in het iconografische programma van het eigenlijke kunstwerk, en dat is bij de Antwerpse madonnabeelden niet anders. Het voetstuk dat tot het eigenlijke beeld behoort, of de console die het beeld draagt, heeft sinds de barok de vorm aangenomen van de aardglobe waar de slang zich meester van wil maken. Wolkjes verbinden de globe soms met de gevelwanden; meerdere engeltjes - vaak gevleugelde engelenhoofdjes (cherubijnen) - voelen zich daar in thuis. Bij uitzondering zijn het de evangelistensymbolen die het globevoetstuk versieren: engel (Mattheus), arend (Johannes), rund (Lucas) en leeuw (Marcus).
Meermaals houdt het Jezuskind een miniwereldbol in de (linker)hand: hij is de Redder van de wereld. Hij kan dan met zijn vrije hand de voorbijgangers zegenen. Vaker dan de sokkelaardglobe is deze miniwereldbol voorzien van een brede band rondom de zone van de evenaar: een gestileerde weergave van de oceaan die de continenten scheidt. De globe, steeds bekroond door een kruisje, fungeert als rijksappel.

Slang met appel; wereldbol, wolkendek, sterren. – Grote Markt 15 / Wisselstraat

 


Voorafgaand aan de barok vonden de beelden doorgaans beschutting in een nis met een omlijsting volgens de geldende stijl. In de hoogbarok slaagt men erin om het beeld sterk los te weken van de gevel(hoek). Wat praktisch bedoeld is als een afwaarts lopend afdak of luifel om het beeld tegen de regen te beschutten, groeit in de barok uit tot een heus baldakijn tot groter eerbetoon voor de afgebeelde. Een dergelijke decoratieve troonhemel verleent aan het beeld alleszins een meer opvallende monumentaliteit.
Het zijn vooral deze brede driekwart-cirkelvormige overhuivingen op de straathoeken die samen met de zwierige lantaarnarmen de Onze-Lieve-Vrouwebeelden te Antwerpen zo typisch maken. Franjes komen nergens voor, wél wordt het baldakijn onderaan vaak voorzien van een lambrekijn, een horizontaal hangende, van onderen getande draperiezoom. Soms hangen daar houten kwastjes aan die door de wind speels bewogen worden. In de zoom van het baldakijn zijn meermaals twaalf sterren ingewerkt (zie hierboven). Naast de driekwart halvebol-luifel zijn er de veelhoekige modellen, die trapsgewijs oplopen naar de bekroning. Deze bestaat vaak uit een decoratieve bol met daarboven een kruisje: een rijksappel.

Baldakijn, lambrekijn met sterren en kwispels, bolkruis (rijksappel) in top. – Leeuwenstraat / Reyndersstraat 26-28

 

Ook de keuze van de kleuren beantwoordt vaak aan vaste iconografische schema's. Het overgrote deel van de beelden is wit, hetzij van nature in steen, hetzij geschilderd op hout, steen alsook terracotta. Daarom wordt in de inventaris slechts polychromie vermeld. Meestal beperkt die zich tot (licht)blauw voor de mantel en de hoofddoek van Maria, groen voor de slang en de appel in diens muil, goud of geel voor de band(en) rondom de globe en voor de koninklijke attributen van kronen en scepter. Soms zijn de tong van het serpent en de appel in het rood. Het baldakijn of 'hemel' is begrijpelijkerwijze meestal in het blauw, de eventuele sterren daarop goudkleurig. Slechts een klein deel van de Madonna's is geheel gepolychromeerd (geweest).
Men mag echter niet vergeten dat het zeker tot aan de Eerste Wereldoorlog gangbaar was om rondom een gevelveld te schilderen, hetgeen de monumentaliteit in grote mate versterkte. Te meer daar wit de meest voorkomende kleur was voor de eigenlijke Mariabeelden, lag het voor de hand dat deze gevelschildering blauw als hoofdkleur had, prettig opgefleurd door monogram, sterren, lelies, opschriften en franjes, in goudgeel of in wit. Deze volkse, kleurrijke gevelversiering zorgde ervoor dat Maria in permanente feeststemming verkeerde.

Volledige polychromie met verguld hoogsel; naast beeld, console en koepel is er ook een kleurrijk geschilderd gevelveld – Oude Koornmarkt 32 / Pelgrimstraat.

Vervolg: Gelegenheidsversiering




© Copyright 2000-2006 : Voor Kruis en Beeld en Vzw | Legal disclaimer | Any copying or reproduction without the prior permission from the publisher is prohibited:

Database- and contentmanagement by ICT/ISCAM-PRODUCTION. Deze website maakt gebruik van de CRKC-database voor Religieus Erfgoed
Identificatie